Om een sluitende aanpak van kindermishandeling te realiseren is het noodzakelijk dat regionale partners samen rond het kind gaan staan. Iedere partij heeft daarbij zijn eigen verantwoordelijkheid én een verantwoordelijkheid in de samenwerking.
Regionale missie
Het realiseren van de sluitende aanpak start met het formuleren en onderschrijven van een gezamenlijke regionale missie. De bestuurders van betrokken instanties, gemeenten en provincies zetten de beweging in gang door zich stevig te verbinden aan de gezamenlijke aanpak van kindermishandeling in hun regio. Zij kunnen daarbij gebruik maken van en aansluiten op de landelijke campagne rond de aanpak van kindermishandeling.
Het is belangrijk dat de jeugdgezondheidszorg, de ziekenhuizen, het onderwijs, bureau jeugdzorg (incl. AMK), en aanbieders van zorg (jeugdzorg en jeugd-GGZ) zich vanaf de start committeren aan deze gezamenlijke missie. Bij de uitvoering worden vervolgens vele andere instanties betrokken.
Regionale stuurgroep
De regionale stuurgroep houdt zich bezig met de planning, uitvoering en evaluatie van de regionale activiteiten rond de sluitende aanpak van kindermishandeling. De deelnemers zijn leidinggevenden of operationeel managers van de belangrijkste betrokken instellingen inclusief gemeentelijke beleidsambtenaren en een vertegenwoordiger van de provincie. Deze groep stuurt de coördinator aan.
Deze stuurgroep wordt bij voorkeur aangehaakt aan een (al bestaande) stuurgroep op een aanverwant gebied, bijvoorbeeld een Centrum voor Jeugd en Gezin.
Regionale coördinator
De regionale coördinator is de centrale figuur die met alle betrokkenen een concreet regioplan maakt en de uitvoering ervan bewaakt. De coördinator participeert in diverse (bestaande of te vormen) werkgroepen. Deze werkgroepen dragen zorg voor de verschillende onderdelen van het regioplan. Bij het aanstellen van de regiocoördinator kan het voorbeeldprofiel worden gehanteerd, dat u hier kunt downloaden:
Profiel regiocoördinator
(Word)